BAK — woord van 3 letters
Het woord bak heeft 3 letters: B, A, K. Het bevat 1 klinker en 2 medeklinkers. Het scoort 7 punten in Scrabble. Als zelfstandig naamwoord: "stevig voorwerp waarvan één zijde open is en waarin iets kan worden bewaard. Het grondvlak van dit object is meestal rechthoekig maar kan ook een cirkel zijn (een 'ronde bak', kom of kuip) of ellipsvormig -> teil of tobbe. De ´bak´ kan eventueel afgesloten worden met een deksel. Indien het materiaal van deze ´bak´ bestaat uit karton spreekt men eerder van een doos, is het materiaal hout dan van een kist of krat Indien de doorsnede een cirkel is en de bak relatief hoog dan noemt men dit een koker. Is hij daarnaast ook stapelbaar doordat hij taps toeloopt dan spreekt men van een emmer, teil of tobbe behalve als hij van aardewerk, glas of keramiek is want dan spreekt men van een pot. Een ronde metalen 'bak' die gebruikt wordt om te koken noemt men een pan.".
woord van 3 letters "bak": B A K — zelfstandig naamwoord
Scrabble-score: 7
Letteranalyse van bak
| Letter | Aantal | Type | Scrabble pt |
|---|---|---|---|
| B | 1 | Medeklinker | 3 |
| A | 1 | Klinker | 1 |
| K | 1 | Medeklinker | 3 |
1 klinkers, 2 medeklinkers, 3 unieke letters
Definitie van bak
zelfstandig naamwoord
- stevig voorwerp waarvan één zijde open is en waarin iets kan worden bewaard. Het grondvlak van dit object is meestal rechthoekig maar kan ook een cirkel zijn (een 'ronde bak', kom of kuip) of ellipsvormig -> teil of tobbe. De ´bak´ kan eventueel afgesloten worden met een deksel. Indien het materiaal van deze ´bak´ bestaat uit karton spreekt men eerder van een doos, is het materiaal hout dan van een kist of krat Indien de doorsnede een cirkel is en de bak relatief hoog dan noemt men dit een koker. Is hij daarnaast ook stapelbaar doordat hij taps toeloopt dan spreekt men van een emmer, teil of tobbe behalve als hij van aardewerk, glas of keramiek is want dan spreekt men van een pot. Een ronde metalen 'bak' die gebruikt wordt om te koken noemt men een pan.
- een grap of mop "De man vertelde schuine bakken."
- gevangenis "Hij had tien jaar in de bak gezeten."
- kopje "Wil jij een lekkere bak koffie van me."
- slee, grote auto "De crimineel moest zo nodig in een grote patserbak rondrijden."
- vaartuig dat moet worden gesleept (sleepbak) of geduwd (duwbak) "Een duwboot kan soms wel 6 bakken duwen."
- krat "In België koopt men een bak bier in Nederland een krat."
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van bakken "Ik bak."